Kattenmisbruikers aan de Rijksuniversiteit Groningen
Gert Holstege en z’n collega’s
Al ruim 15 jaar is de Rijksuniversiteit Groningen (RUG) het werkterrein van de neuroanatoom Gert Holstege en daarmee het toneel van verschrikkelijk poezenleed. Na eerst vijf jaar lang geëxperimenteerd te hebben op apen, katten en andere dieren in de Verenigde Staten vertrok hij in 1993 naar Groningen waar hij zijn gruweltesten op poesjes onverminderd zou doorzetten. Als hoofd van de afdeling Anatomie en Embryologie, de plek waar hij anderhalf decennium geleden binnenkwam, regisseert hij het lijden van ’s mens beste vrienden. De meeste katten kunnen rekenen op een warm, zorgzaam en liefdevol thuis bij menselijke dierenvrienden, die hen als lieve, gezellige en eigenzinnige metgezellen zien. Voor de poesjes en katertjes die in de handen van Holstege en zijn team vallen daarentegen is het leven één grote lijdensweg. Deze viervoeters dienen een leven als onderzoeksinstrument en worden blootgesteld aan de meest misselijkmakende hersenexperimenten.
.jpg)
De meest recente publicatie van Holstege en co – uit 2008 - betreft een onderzoek waarbij van meerdere poezen een deel van de hersenen verwijderd werd. Vervolgens werd een substantie, onverdoofd(!), rechtstreeks in bepaalde gebieden van de overgebleven hersenen gespoten en werden de effecten op de ademhaling bestudeerd. Vivisector Holstege rapporteert dat de stimulatie van bepaalde gebieden in de hersenen leidt tot veranderingen in de ademhaling die samenhangen met ‘vocalisatie’ (miauwen en sissen). Injecties met een bepaald aminozuur leiden tot opwekking van een onregelmatige ademhaling.
In een experiment uit 2005 werden 9 poesjes gebruikt voor een studie van het hetzelfde hersengebied. Van verschillende katten werden de wervelbogen verwijderd en ook toen kregen de dieren injecties direct in de hersenen en ditmaal ook in het ruggenmerg. Na afloop van het experiment zijn de dieren afgemaakt en werden de hersenen en het ruggenmerg verwijderd. Hersenen en hersenstammen werden vervolgens in stukken gesneden voor ‘verdere analyse’. De levensloze poezenlichaampjes zijn ongetwijfeld als oud vuil vernietigd. Hier wordt echter in het wetenschappelijke rapport met geen woord over gesproken.
In 2006 werden nog eens drie vergelijkbare onderzoeken gepubliceerd waarin 11 katjes het slachtoffer waren. Bij één langlopend experiment dat in 2005 verscheen werden zelfs 72(!) poesjes ingezet voor een studie naar de werking van de hersenen in relatie tot micturitie (urineren). Veel onderzoeken zijn ronduit absurd, sommigen zelfs pervers. Over zijn zoektocht naar de werking van de menselijke hersenen bij een orgasme verklaart Holstege; ‘het begon allemaal met het strelen van een krolse kat’. Zo bestudeerde hij lange tijd het seksuele gedrag van poezen met hersenscanners. En dit is helaas nog maar het topje van de ijsberg. Over de afgelopen 15 jaar zijn honderden katten gepijnigd en kapot gemaakt door RUG ‘wetenschappers’ zoals Gert Holstege en zijn collega’s.
Dierenlevens worden aan de lopende band verkwist als wegwerpproducten. Dergelijk gruwelijk dierenleed is nooit te verantwoorden maar het wordt nog schrijnender als de directe relevantie, het nut en de toepasbaarheid van de onderzoeksbevindingen uit dergelijke horrorexperimenten ver te zoeken zijn. Het gaat hier om nieuwsgierigheidsonderzoek van de meest ziekelijke soort.
Katten behoren tot de vele diersoorten die worden misbruik aan de Rijksuniversiteit Groningen (RUG). Zelden of nooit wordt hierover iets gemeld in de reguliere media. Als dergelijke gruwelijke dierproeven al genoemd worden probeert men het vaak leuk te verpakken en misleidend te verkopen als een ‘noodzakelijk kwaad’. De Anti Dierproeven Coalitie zal mensen blijven informeren over wat er werkelijk gebeurt met dieren achter gesloten deuren in dierproeflaboratoria zoals die van de RUG. Dieren zijn geen gebruiksvoorwerpen. Het wordt tijd dat de RUG dit ook inziet en inzet op betrouwbare onderzoeksmethoden zonder dieren.

Gert Holstege – raakte onlangs in opspraak; niet vanwege zijn jarenlange 'staat van dienst' als dierenbeul maar vanwege 'het schenden van de privacy van een overleden patiente', op wiens hersenen hij autopsie had verricht en wiens naam hij in een publicatie had vermeld. Dit terwijl iedereen wist om wie het ging, de voormalig oudste vrouw ter wereld, Hendrikje van Andel-Schipper, die haar lichaam vrijwillig - in tegenstelling tot de honderden poezen - ter beschikking had gesteld aan de wetenschap.